Valentijnsdag

Valentijnsdag

In februari kleuren de winkelstraten rood. In iedere etalage is wel ergens een verwijzing naar Valentijn, de dag waarop geliefden elkaar verwennen met kaarten, bloemen, chocolade en cadeautjes. Veertien februari is ook een topdag voor restaurants, want veel koppels vieren Valentijn buitenshuis.

De heilige Valentijn?

Over de herkomst van het feest is weinig geweten. Volgens sommigen vieren we Valentijnsdag ter ere van de heilige Valentinus. Het probleem is dat er eigenlijk twee heiligen zijn met dezelfde naam, een bisshop uit Treni en een priester uit Rome, die in dezelfde periode leefden (3de eeuw). De naamdag van beide heiligen valt op 14 februari. Volgens het Martyrologum Romanum gaat het om twee verschillende personen, hoewel steeds meer bronnen opperen dat het om een en dezelfde man zou gaan. Valentinus van Terni wordt het meest genoemd in verband met Valentijnsdag omdat hij de beschermheilige van verliefden en verloofden is. Waarom dat zo is blijft onduidelijk, aangezien niets in zijn leven daarop wijst. Volgens de legende zou hij wel een groot liefhebber zijn geweest van bloemen en aan jonge koppels een bloem hebben geschonken als teken van trouw en genegenheid. Ook de andere Valentinus, een priester uit Rome, heeft weinig te maken met liefdesgebruiken. Volgens de legende zou hij in het geheim huwelijken afgesloten hebben van soldaten die volgens de heersende Romeinse wetten niet mochten huwen. De priester werd gevangengenomen en terechtgesteld. Tijdens zijn gevangenschap zou hij verliefd geworden zijn op de dochter van de gevangenisbewaker. Net voor zijn terechtstelling zou hij haar een brief hebben geschreven, ondertekend met ‘Van je Valentijn’. Algemeen wordt aangenomen dat er eigenlijk heel weinig bewijs voor is dat het vieren van een geliefde op Valentijn ook maar iets te maken heeft met de heilige Valentinus. Omdat het leven van deze heilige(n) zo weinig gedocumenteerd is en voornamelijk op legenden berust, is Sint-Valentinus sinds 1969 niet meer opgenomen in de rooms-katholieke heiligenkalender.

De Angelsaksische traditie

In onze streken wordt Valentijn nog niet zo lang gevierd, maar in Groot-Brittannië staat 14 februari al eeuwen in het teken van de liefde. De eerste vermelding van het woord Valentijnsdag dateert uit de veertiende eeuw in een gedicht van de Engelse Geoffrey Chaucer. Verschillende bronnen uit de 15de eeuw, waardonder heel wat dagboeken, vermelden het vieren van Valentijn. Geliefden uit de hogere sociale klassen gaven elkaar een persoonlijk geschenk. Britse jongeren op het platteland hielden er een ander gebruik op na. Ze trokken lootjes om uit te maken wie met wie mocht uitgaan. Ook het sturen van liefdesgedichten en kaarten gaat al eeuwen terug. De oudste valentijnsbrief is meer dan 600 jaar en wordt bewaard in het British Museum. Vanaf het midden van de achttiende eeuw werd het algemeen de gewoonte om een valentine (een minnebrief) te schrijven. Aanvankelijk maakten mensen de kaarten thuis van gekleurd papier. Vanaf de negentiende eeuw werden de kaarten ook in een fabriek gedrukt en doorgaans handmatig ingekleurd door arbeiders. Pas in de late negentiende eeuw deed de postkaart zoals we die nu kennen haar intrede en ontstonden de grote postkaartfabrieken zoals Hallmark, opgericht in 1910.

Anoniem met een dubbele boodschap

Op Valentijn worden heel wat anonieme kaarten geschreven. De ontvanger krijgt dan wel een liefdesboodschap, maar weet niet direct van wie. Vooral bij tieners leeft die geheimzinnigheid nog sterk. Volgens sommigen dateert die heimelijk sfeer uit de preutse Victoriaanse periode (1837-1901), waarin openlijke liefdesbetuigingen uit den boze waren. In die tijd circuleerden ook heel wat symbolen die mensen konden gebruiken om op een verdoken manier iets aan elkaar te zeggen. Bloemen bijvoorbeeld hadden elk een andere betekenis. Zo stond een vergeet-me-nietje voor ware liefde, een blauw viooltje voor hoop en een jasmijn voor sensualiteit. Wie een kaart met een krokus verstuurde gaf meteen de boodschap mee van ‘misbruik me niet’, terwijl een rode tulp een ware liefdesverklaring betekende. Vandaag worden dieprode rozen als een teken van liefde gezien, maar in het Victoriaanse tijdperk stonden ze symbool voor schaamte.

Cupido

Cupido speelt een belangrijke rol in de valentijnssymboliek. In de Romeinse mythologie is Cupido de zoon van de godin van de liefde, Venus. Ook in de Griekse mythologie vindt je Cupido terug, al heet hij daar Eros en is hij de zoon van de Griekse godin van de liefde Aphrodite. Cupido, afgeleid van het latijnse werkwoord cupere (begeren), wordt vaak afgebeeld als een gevleugeld kind met pijl en boog. Hij schiet pijlen in de harten van mensen om ze verliefd te laten worden. Nochtans is Cupido geen ondubbelzinnig symbool voor de liefde. De pijlen van Cupido moeten twee harten tegelijkertijd raken. Wanneer de pijl van Cupido slechts een hart raakt, is de liefde niet wederkerig wat lijdt tot pijn en verdriet. Bovendien heeft Cupido twee soorten pijlen. De pijlen met een gouden punt doen mensen van elkaar houden, de pijlen uit lood zaaien haat.

Valentijnsdag bij ons

Het vieren van Valentijn in onze streken is relatief nieuw. Het Engelse gebruik was wel gekend vanaf de 15de eeuw, maar inburgeren deed het hier niet. Na de Tweede Wereldoorlog probeerden bloemenverkopers en banketbakkers het feest in te burgeren, maar zonder direct resultaat. Pas in de jaren 1970 werd het feest bij ons populair, al zijn de kritieken van Amerikanisering en commercialisering nooit veraf. Valentijnsdag blijft wel een klassiek moment om zich met elkaar te verloven of in het huwelijksbootje te treden.

Chocolade

Chocolade is een van de meest populaire geschenken voor Valentijn en wordt doorgaans geassocieerd met liefde en lust. Het hoofdbestanddeel van chocolade, cacao, werd voor het eerst naar Europa gebracht in de zestiende eeuw door de Spaanse veroveraar Cortés. Cacao werd echter al eeuwen gebruikt door de Maya’s en later de Azteken. Reeds zeshonderd jaar voor Christus mengden ze de bittere gedroogde cacao met water en mogelijks een paar chilipepers. Cortés bracht de cacao mee naar Spanje, waar geëxperimenteerd werd met suiker en vanille om een zoetere drank te bekomen. De chocoladedrank werd populair bij de hogere sociale klassen. Weldra werd chocolade ook toegevoegd aan brood en gebak. Tegen het begin van de achttiende eeuw steeg de cacaoproductie waardoor de consumptie ervan doordrong tot alle lagen van de bevolking. In diezelfde tijd begonnen mensen cacao te mengen met warme melk. Pas aan het eind van de 19de eeuw slaagde een Zwitser erin om een vaste melkchocoladereep te maken. Een kleine firma Nestlé pikte het idee op en de rest is geschiedenis.

Weerspreuken

Dooi op Sint-Valentijn, doet veel water in de wijn.

Is het bos met Sint-Valentijn in het wit gehuld, dan zijn weiden en akkers van vreugde vervuld.

Zonneschijn op Sint-Valentijn, geeft goede wijn.

LITERATUUR

Claes, J., Claeys, A. en Vincke, K., Beschermheiligen in de Lage Landen, Leuven, Davidsfonds, 2006.

Strouken, I., Dit zijn wij. De 100 belangrijkste tradities van Nederland, Utrecht, Nederlands Centrum voor Volkscultuur, 2010.

Schoefs, H., 'Sint-Valentijn', in: Limburgs Volkskundig Genootschap, Lapjesproef voor drie zussen, Concentra Media nv, Hasselt, 2004, p. 22-23.

Dekoning, I. & Peys, I., Feestwijzer. De meest gevierde feesten van het jaar, Antwerpen, Coda, 1993.

Van Eijk, I., Van Allerheiligen tot sint juttemis. Achtergronden van feestdagen in Nederland & Vlaanderen, Antwerpen, Z&K Uitgever, 1998.

www.meertens.knaw.nl