Trajecten op maat

Trajecten op maat

Erfgoedzorg is niet iets wat je even snel tussendoor doet. Wil je je feest, sociaal gebruik of ritueel op een duurzame manier een toekomst geven, dan vraagt dat om een doordachte aanpak. In het bedenken daarvan kan best wat tijd en moeite kruipen. Om je daarbij te helpen zet LECA op verzoek trajecten op maat op. In de praktijk betekent dat dat je voor langere tijd op ons advies en begeleiding kunt rekenen. Wij zetten onze kennis en ervaring dan in om je te helpen om gaandeweg tot pasklare oplossingen te komen.

Een traject op maat realiseren we natuurlijk niet in het wilde weg. In de eerste plaats maken we altijd een stand van zaken op. We gaan dan onder meer na om welke erfgoedelement(en) het gaat en welke verhalen daaraan verbonden zijn. Stap twee bestaat erin dat we samen met jou nagaan met welke knelpunten en hindernissen jij in je erfgoedwerking geconfronteerd wordt. Dat is belangrijk, want je moet natuurlijk goed weten waar bijsturing het verschil zal maken. Zodra daar zicht op is, is de baan vrij om acties en programma's te bedenken die de toekomst van je erfgoedelement helpen vrijwaren. Het kan soms ook erg verhelderend zijn om te horen hoe andere mensen en verenigingen de zaken aanpakken. Daarom vinden we het ook erg zinvol om geregeld een moment in te lassen waarop je met anderen ervaringen en ideeën kunt uitwisselen.

Onze trajecten op maat zijn er zowel voor generieke dossiers rond sociale gebruiken, tradities en feesten als voor een specifiek element. Denk je dat ook jij hierbij gebaat kan zijn? Pik dan gerust de telefoon op om te horen wat wij voor jou kunnen doen.

Woelig water

Woelig Water focust op de bestaande zeezegeningen en vissersmissen. In tien Belgische kustgemeenten wordt er ieder jaar bergen werk verzet om ervoor te zorgen dat deze vieringen kunnen plaatsvinden. Soms gaat dat vlot, soms kost het wat meer moeite. Daarom nodigde LECA eind 2014 iedereen die via een parochie of gemeente meewerkt aan de organisatie van een zeezegening of vissersmis, uit voor een verkennende bijeenkomst. De betrokkenen konden elkaar zo leren kennen en kennis en ervaring uitwisselen.

Verborgen rituelen

Verborgen rituelen is een project waarbij buurtbewoners uit verschillende buurten in Gent worden uitgedaagd over rituelen dicht en ver van huis. Startende op Erfgoeddag gaan we gedurende een aantal weken in deze wijken aan de slag met verschillende methodieken: een spel, een praattafel, enz. om rituelen samen te bespreken en rituelen van medestadsbewoners te leren kennen. Elke wijk werkt daarbij op maat van de deelnemers, ondersteund door de erfgoedpartners. Dit project wil de sociale draagkracht van de wijken versterken door middel van erfgoed.

Over kleine gebruiken van groot belang. Een filmproject met Brusselse jongeren rond rituelen

Op vraag van de school begeleidt LECA een participatief traject waarbij leerlingen audiovisuele vorming uit de tweede en de derde graad aan de slag gaan rond de interculturele rituelen die zij belangrijk vinden in hun dagelijkse leven. Stap voor stap zoeken de leerlingen naar wat hen bindt en versterkt. Via familieverhalen, -foto's en -films… zoeken ze inspiratie in hun eigen leefwereld en maken ze in videoportretten duidelijk wat tradities voor hen betekenen.

Hallo Baby

Een kruidige maaltijd voor de net bevallen moeder, een mespunt zout onder de babymatras, een babyshower, een zachte dadel voor een pasgeborene of het zacht influisteren van een naam. Het zijn enkele voorbeelden van geboorterituelen die worden verzameld binnen het interculturele project ‘Hallo baby’.

Processies: op handen gedragen
Op handen gedragen is een programma dat het erfgoed van processies en ommegangen versterkt. Het traject zet vooral in op het bouwen van een duurzaam netwerk tussen processie-organisatoren en het uitwisselen van ervaringen en expertise. Het is een gezamenlijk initiatief van LECA, CRKC en KADOC | KU Leuven. Deze drie organisaties bouwden doorheen de jaren heel wat kennis op over ommegangen en processies. Sinds 2013 bundelen ze hun krachten om de processie-cultuur op een duurzame manier te borgen. Dat doen ze elk vanuit hun eigen expertise. LECA is het aanspreekpunt voor immaterieel erfgoed, CRKC staat in voor de zorg voor roerend erfgoed en KADOC behartigt het documentair erfgoed. Op die manier vindt iedereen met vragen over het erfgoed van processies altijd een duidelijk aanspreekpunt.
Reuzen: Rond de rokken van de reus
Rond De Rokken van de Reus is een initiatief van LECA. Het programma wil de reuzencultuur in Vlaanderen meer toekomstkansen geven door het erfgoed van onderuit te identificeren, te documenteren, te onderzoeken, zichtbaar te maken, te promoten en er educatieve programma’s en trainingen rond op te zetten. Het centrum werkt daarvoor nauw samen met de koepelorganisatie Reuzen in Vlaanderen vzw en met lokale erfgoedpartners. De jarenlange samenwerking (2010-2015) leidde tot een erfgoedzorgplan voor en door reuzenbeheerders, op basis van participatief onderzoek en tal van ontmoetingsmomenten. Dat plan werd gelezen en nuttig verklaard door tientallen reuzenorganisaties.
Kermiserfgoed

Sinds 2013 werkt LECA samen met de foorreizigers om het erfgoed van de kermis toekomstkansen te geven. Het initiatief komt van de vzw ‘De Verdediging der Belgische Foorreizigers VBF- DFB’. Een aantal van hun leden willen de zeer uitgebreide kermiscultuur in al haar aspecten (kermis vieren, beleving door bezoeker, sociale gebruiken, reiscultuur, oorsprong, oraal erfgoed, roerend erfgoed... ) inventariseren en in kaart brengen. Om die reden richtten ze het VBF kermiserfgoedcomité op. Het comité wil nog een stap verder gaan.

Gildetradities

In 2010 werkte LECA in samenwerking met de Hoge Gilderaad der Kempen een enquête uit over hedendaagse schutterstradities. De resultaten daarvan werden door de voorzitter van LECA in 2012 verwerkt. Die tekst resulteerde in het boek ‘Gildetradities. Een verhaal van beleving en herbeleving’ dat op 23 februari 2013 werd gelanceerd. De tekst werd geflankeerd door tientallen foto’s van het schuttersleven. Op die manier geeft het boek een duidelijk inzicht in de beleving van het gildeleven en toont het aan waar de uitdagingen voor de toekomst liggen. LECA stond in voor de coördinatie en vormgeving van het boek, dat tot stand kwam dankzij de financiële steun van de provincie Antwerpen, Erfgoedcel Noorderkempen, Erfgoedcel k.ERF en Erfgoedcel Kempens Karakter. Om het brede publiek meer vertrouwd te maken met de schuttersgilden, werd tevens beslist om in 2013 drie provinciale toonmomenten te organiseren met workshops als vendelen, roffelen en boogschieten. Zowel bij de voorbereiding van het boek als die van de toonmomenten stelde LECA zich op als makelaar.Tot slot wordt ook samengewerkt met Archiefbank Vlaanderen om de privéarchieven van de gilden in kaart te brengen.

De gebruiken rond Sinterklaas en Sint-Maarten

Kinderen in Vlaanderen kijken reikhalzend uit naar de winter. Dat is immers de periode van de geversheiligen. Op heel wat plaatsen trakteert Sinterklaas kinderen op snoep en speelgoed op 6 december. Andere kinderen moeten dan weer niet zo lang wachten. Op 11 november komt Sint-Maarten al bij hen langs. In sommige streken hebben kinderen dubbel geluk: daar krijgen ze zowel Sint-Maarten als Sinterklaas over de vloer. De Sinterklaas- en Sint-Maartengebruiken staan inmiddels op de Inventaris Vlaanderen voor Immaterieel Cultureel Erfgoed, mede dankzij de inzet van het Sint-Nicolaasgenootschap Vlaanderen. Naast tal van cursussen en activiteiten rond de traditie, zet het Sint-Nicolaasgenootschap zich in om de gebruiken rond de geversheiligen in Vlaanderen in kaart te brengen. Zo deden ze hun grootschalige enquête van 1993 nog eens over in 2012, ditmaal met de steun van Erfgoedcel Waasland en LECA. De enquête tekende in meer dan 300 gemeenten Sint-Maarten en Sinterklaasgebruiken op en geeft een goed zicht op de beleving van de traditie vandaag de dag. Door de enquête van 2012 af te stemmen op die van 1993 kan bovendien de evolutie van de afgelopen tien jaar in kaart worden gebracht. De resultaten worden momenteel door LECA verwerkt en zullen in december 2013 aan het grote publiek worden bekendgemaakt. Verder wordt onderzocht welke acties nuttig kunnen zijn voor de toekomst van deze tradities en welke personen en organisaties daar het best bij worden betrokken.

Bloemencorso's: een sterk netwerk

De eerste traditie die in Nederland werd erkend als immaterieel cultureel erfgoed was het Bloemencorso van Zundert. Dat inspireerde de vijf Vlaamse bloemencorso’s om samen na te denken over de toekomst. Vroeger vond je in heel wat steden en dorpen bloemencorso’s, maar vandaag leeft de traditie enkel verder in Loenhout, Sint-Gillis-bij-Dendermonde, Wommelgem, Ternat en Blankenberge. Omdat veel organisatoren met dezelfde problemen kampen en ze onderling veel van elkaars ervaringen kunnen leren, werd op 3 december 2012 beslist om een werkgroep bloemencorso’s op te richten

Rond de Rokken van de Reus

Rond de Rokken van de Reus wil de reuzencultuur in Vlaanderen meer toekomstkansen geven door het erfgoed van onderuit te identificeren, te documenteren, te onderzoeken, zichtbaar te maken, te promoten en er educatieve programma’s en trainingen rond op te zetten. De medewerking van de vele reuzenbeheerders staat daarbij centraal. Samen met die honderden traditiedragers wordt de rijkdom van de reuzencultuur stilaan duidelijk. Bovendien werkt LECA intensief samen met organisaties als Reuzen in Vlaanderen, La Maison des Géants en La Ronde des Géants om alle expertise maximaal te benutten.

Op handen gedragen: over processies met een Mariabeeld

Het hele jaar door worden gebedstochten, ommegangen, processies en stoeten ter ere van Maria georganiseerd. Hoeveel dat er zijn, door wie ze worden georganiseerd en welk beeld daarbij wordt meegedragen, werd tijdens 2007 en 2009 zorgvuldig gedocumenteerd door de speciaal daarvoor in het leven geroepen vzw Maria door Vlaanderen gedragen. De drijvende krachten achter het project waren Carl Deckers en Chris Van Reeth. Zij merkten niet alleen dat de Mariadevotie in Vlaanderen heel sterk leeft, maar ook dat veel organisatoren geïnteresseerd bleken in een vervolgtraject. Omdat de interesse in het project zo groot bleef, werd gezocht naar bijkomende stappen die de toekomst van dit (im)materiële erfgoed zouden kunnen helpen verzekeren.